Mijn vader had geluk….

37

Mijn vader had geluk. Hij stond op 5 mei 1940 aan de Grebbelinie en was ingedeeld bij de veldartillerie. Dat was ver achter de linie. De meeste batterijen waren door Duitse spionnen voor de oorlog al op de kaart gezet en werden tijdens de aanval op de linie één voor één uitgeschakeld. Mijn vader had geluk hij zat bij een nieuwe batterij rijdende motor artillerie. Ze was niet door de Duitsers op een kaart bekend. Toch was de vijand dichterbij dan gedacht. Mijn vader werd er op uit gestuurd voor een boodschap en stuitte op twee tot de tanden bewapende Duitse soldaten. Mijn vader was bewapend met een zakdoek. Mijn vader had geluk de twee Duitsers schoten hem niet dood maar gaven zich over aan hem. Totaal verbouwereerd nam hij de krijgsgevangenen mee terug naar de batterij. De commandant suggereerde dat ze maar doodgeschoten moesten worden, ze maakten geen gevangenen. Twee Duitse soldaten onder een boom, die hem lieten leven. Of ze zijn doodgeschoten is hij nooit te weten gekomen. Mijn vader had geluk. De batterij vertelde mijn vader had slechts één gesneuvelde, de motor ordonnans die uit de bocht vloog. Mijn vader had geluk, hij heeft een mooi leven gehad. De laatste paar jaar van zijn leven ging hij dementeren en zag hij steeds weer die twee Duitse soldaten onder die boom zitten. Op zijn 80ste vrat het nog aan hem, wat is er van die twee Duitse soldaten geworden die hem niet doodschoten. Als hij in zijn kamer zat en hij keek naar de tafel met één poot, dan zag hij weer die boom met die twee Duitse jongens en moest hij huilen.

 

Ton Besling