De Badjas in de bocht

35

Op de meest vreemde momenten word ik soms overvallen door een soort heimwee. Nostalgie, zoiets. Zo ook weer in deze periode van het jaar, wanneer overal de vlaggen hangen met “De scholen zijn weer begonnen”. Het slaat nergens op, mijn 3 kinderen zijn inmiddels volwassen en zijn uitgewaaierd over de wereld, maar bij het zien van al die spandoeken besef ik weer dat die mooie kindertijd zomaar heel snel voorbij gaat en dat ik een ouwe taart aan het worden ben. Ik heb nog steeds af en toe een Lege Nest Syndroom, zo raar is dat. Ik zie dan al die kinderen weer naar school en huis fietsen en ik zie allemaal ouders die kinderen halen en brengen en dan schiet ik vol en komen er allerlei herinneringen en ga ik twijfelen of ik het allemaal wel goed gedaan heb. Flarden herinneringen komen boven. Hoe we hier 25 jaar geleden kwamen wonen op deze mooie plek.
Een tukker na jaren weer terug, keurig getrouwd en 3 kinderen rijker, weer wonen op oale grond. We vonden het heerlijk hier. Alhoewel ik ook n soort van taxibedrijf werd. Ik reed van school naar de muziekles, ballet, voetbal, zwemles, vriendjes en vriendinnetjes en ga zo maar door. Dat is een klein nadeel van buitenaf wonen, maar het ging prima. Tussendoor had ik ook nog een bedrijfje, maar dat kon mooi tussen de bedrijven door.
‘s Ochtends was het een gevlieg, ontbijten, aankleden, tassen inpakken en niks vergeten. Omdat ik geen ochtendmens ben had ik er een gewoonte van gemaakt om mij pas te douchen als ik weer thuis zou zijn. Dat betekende dat ik regelmatig in mijn pyjama of badjas met konijnenpantoffels naar school reed.
Hup, het hele spul de auto in, muziekje aan en al schreeuwend of zingend scheurden we naar school om net op tijd te arriveren. Heel soms kwam meester G. er even aan om zijn hoofd door het raam te steken om kort een gezellig praatje te maken. Maar dat was voor mij een drama, want ik zat daar in mijn pyjama met een ongewassen gezicht, mijn haren recht op mijn hoofd en een ochtendlucht, die ik probeerde te verdoezelen, door een flinke prop kauwgum in mijn mond te proppen. Ik bleef vriendelijk knikken.
Mijn kinderen schaamden zich dan diep. Begrijpelijk.
Op een ochtend, mistig en koud, hetzelfde tafereel. Hup, ongewassen, ik dan, zelfde outfit, kinderen eruit gegooid, kus, zwaaien en weer terug naar huis. En ja op de idyllische Watermolenweg ging het mis. Een pruttelend geluid en daar stond ik in de mist. Wat te doen? Heel gewoon naar huis wandelen op mijn lollige konijnen pantoffels, een ontploft kapsel en gehuld in een roze badjas. Het was een onvergetelijke tocht. Terwijl de mist over het landschap fladderde en er af en toe een auto opdoemde of een eenzame fietser voorbij ging, dook ik achter een boom of lag half in de sloot. Het waren niet de witte wieven, nee dit was een gek roze wief.
Ik had het een beetje verdrongen, maar doordat de scholen weer zijn begonnen, voelde ik toch weer een soort van heimwee naar de tijd toen de kinderen nog klein waren.